Slangenburg landgoed Wie na de lange lanen kasteel Slangenburg bereikt, wacht een weelde aan pinksterbloemen. De wit met roze bloemen voelen zich zichtbaar thuis op het veld bij de slotgracht, waar de bodem lekker vochtig is. Het is een vierkante slotgracht, in lijn met het gehele landgoed. Ook de vijvers zijn vierkant, de grachten strak, terwijl kaarsrechte lanen het landgoed doorsnijden. Eigenlijk zijn de pinksterbloemen, die hier vanaf half april uitbundig bloeien, het enige frivole in de omgeving. Het park rondom het kasteel is namelijk aangelegd in de formele parkstijl. Kasteelheer Frederik Johan van Baer liet het lanenstelsel in de 17e eeuw aanleggen op zijn landgoed. Dat was in die tijd behalve modieus ook erg praktisch. Langs de rechte paden was het immers prettig jagen voor de kasteelheer. Het lanenstelsel maakt het landgoed nu uniek in Nederland. Menig barok landgoed overleefde de 18e eeuw immers niet, toen de Engelse landschapsstijl in zwang raakte. Maar hier in Slangenburg ligt alles er nog bij zoals het ruim 300 jaar geleden is bedacht en uitgevoerd. Ik ontdek het samen met IVN-gids Gerrie Til en boswachter Anja Nijssen van Staatsbosbeheer, dat het landgoed beheert. We laten het kasteel achter ons en lopen over de ruim één kilometer lange oprijlaan. Links ligt een loofbos. Tussen de uitlopende beuken rechts van de weg zien we het grasland. Verderop passeren we twee keer twee vierkante vijvers aan weerszijden van de oprijlaan. “De verhoudingen zijn precies uitgedokterd”, vertelt boswachter Anja. De vijvers liggen in een hecht geometrisch patroon, maar lagen er niet alleen voor de sier. Er werd vis in gekweekt en er werden rivierkreeftjes in bewaard. De kreeften werden opgekweekt tot ze groot genoeg waren om opgediend te worden bij het banket van de kasteelheer. Geelwit tapijt Brullende boomkikkers, kloppende spechten en een geelwitte deken vol bosanemonen en speenkruid. De lente is aangebroken op landgoed Slangenburg bij Doetinchem. Je ontdekt het via kaarsrechte lanen die de natuur al meer dan drie eeuwen doorsnijden. Tekst Monique Gooren Fotografie Laurence Delderfield hier zijn eeuwenoud”, zegt Gerrie. De witte bloemen zijn bosanemonen. “Die noemen we in de Achterhoek achterumkiekertjes”, weet Gerrie, “omdat ze met het zonlicht meedraaien.” Het zonlicht, dat nu nog niet veel kracht heeft, valt langs de kale boomtakken op de bloemen. De bosanemonen houden van dit zachte licht. Wanneer de zon aan kracht wint, zijn ze bijna uitgebloeid. Ook speenkruid voelt zich hier thuis. Het gele bloemetje lijkt op een boterbloem met spitse blaadjes. Maar de verklaring voor zijn naam zit onder de grond. “Daar vormt het plantje voedselvoorraden in de vorm van speentjes”, legt Anja uit. “Ook deze plant houdt van de zon. Als het bewolkt is, blijft de bloemknop dicht. Maar komt de zon tevoorschijn, dan gaat het bloemetje wijd open.” Het is geen toeval dat speenkruid en bosanemonen hier een geelwit tapijt vormen: ze houden allebei van deze vochtige, humusrijke grond. Het bos waarin ze groeien is een oeroud haagbeukenbos. Haagbeuken zijn te herkennen aan de kronkelige schors. “De stam van een haagbeuk vergelijk ik altijd met de armen van een gespierde man: de aderen liggen erbovenop”, zegt Gerrie. Meteen dient zich ter vergelijking een gewone beuk aan en inderdaad, die heeft een gladde stam. Kluu-kluu-kluu Tegenover het hertenkamp strekt zich in het bos een zee van witte en gele bloemetjes uit. “Dit is het Rozenbos. De bomen De vogels laten uit volle borst weten dat ze uitkijken naar een nieuwe liefde. In de hoge douglassparren huizen goudhaantjes, lijsters en zwarte, bonte en groene spechten. Een bonte specht laat van zich horen met hard geroffel, bedoeld om een vrouwtje te lokken. De groene specht roffelt weinig, maar laat zijn ‘lach’ schallen: een hard kluu-kluu-kluu-geluid. Boswachter Anja: “In een bos als dit komen veel spechten voor. Ze kunnen met hun sterke snavel makkelijk een hol hakken in de stammen van oude beuken.” Ook vleermuizen voelen zich hier thuis. Zij jagen graag langs de rechte lanen en paden van Slangenburg. En wie geluk heeft, komt een ree tegen. Daarvoor moet je vroeg uit de veren, want overdag houden reeën zich gedeisd. 2010 april/mei 51 Pagina 8

Pagina 10

Scoor meer met een webshop in uw folders. Velen gingen u voor en publiceerden whitepapers online.

Buitenleven 3/2010 Lees publicatie 13Home


You need flash player to view this online publication